H. Machuut

Sint-Machutus - Machuut in de volksmond –
is de apostel van Bretagne,
uit de zesde en zevende eeuw. 
Hij is geboren in Wales en, als kind van welgestelde ouders, opgevoed in een klooster. 
Machutus wordt monnik bij sint-Brandaan de Oudere en hij vergezelt hem op diens beroemde reis. 
De kerkelijke feestdag is op 15 november.

... en Escharen
Escharen is een bedevaartsoord voor sint-Machuut. Hoe lang al, is niet precies bekend.
De negentiende-eeuwse Bossche kerkhistoricus Schutjes denkt,
dat dit vóór de Reformatie (begin zestiende eeuw) al het geval is.
In ieder geval trekken in de achttiende eeuw talloze pelgrims meerdere keren per jaar naar Esteren
om daar te bidden om de voorspraak van 'hun' Machutus,
ter bescherming tegen lamheid, jicht, zenuwziekten (zoals epilepsie) en vooral tegen kinderziekten.
De st.- Lambertuskerk is in het bezit van een reliek van deze heilige.
Gelovigen worden daar op de jaarlijkse bedevaart (steevast Tweede Pinksterdag) mee gezegend.
Zij kunnen de reliek na de H. Mis vereren.

Bedevaart 2016: maandag 16 mei (Tweede Pinksterdag)
08.00 uur: H. Mis
10.00 uur: H. Mis
15.00 uur: Kinderzegen

Het is voor groepen katholieken mogelijk om los van deze vaste bedevaart
een eigen pelgrimage naar sint-Machuut in Esteren te maken.
Daarvoor neemt u contact op met de parochie.          
   
Meer informatie
Aan het begin van de 18e eeuw  bezoeken ouders van zieke kinderen  
vanuit de wijde omgeving Machutus in Escharen, tot aan Schijndel toe.
Bloemarts, die van 1725 tot 1779 pastoor te Escharen wis,
schrijft in 1771 over de grote toevloed van pelgrims 'van heinde en verre',
vooral op de vrijdagen in de Vasten en na Pasen.
Met name uit het land van Kleef
komen velen naar Escharen om Machutus als patroon van kinderziekten te vereren
en daar water en brood te laten zegenen.
Op voorspraak van de heilige zouden vele genezingen zijn geschied.
Bloemarts schrijft deze echter toe aan het miraculeuze Mariabeeld,
dat zich eveneens in de kerk van Escharen bevindt.
Bloemarts is de eerste seculiere pastoor na een periode van ongeveer veertig jaar,
waarin een franciscaan en twee dominicanen de parochie bedienen.

Tot in de 19e eeuw komen gedurende het hele jaar
op vrijdag veel mensen naar de kerk om de heilige te vereren.
Op Goede Vrijdag is deze toeloop vooral afkomstig
uit het aangrenzende Pruisische (= Kleefse) gebied.
De pelgrims laten tot op vandaag water en brood zegenen,
dat gedurende een noveen gebruikt wordt.
Hierbij bidt men dagelijks de litanie van de H. Machutus
of vijfmaal een Weesgegroet en Onzevader.

Zeven genezingen 
Pastoor P.C. Haest (1873-1888) schrijft in 1885 aan zijn collega J.A. F. Lips in Vught,
waar eveneens Machutus-relieken vereerd worden,
dat zijn voorgangers, behalve Bloemarts,
geen schriftelijke getuigenissen over deze verering hebben nagelaten.
Lips schrijft in hetzelfde jaar een boekje over de heilige
en heeft hiervoor aan Haest om informatie gevraagd.
Bij diens onderzoek komt een zevental  'merkwaardige genezingen aan het licht,
welke ik onzen H. Voorspreker
ter eere en tot opwekking der devotie van de gelovigen heb opgetekend'.
Deze gevallen zijn op een uitzondering na uit de eerste hand en,
om te vermijden dat zij worden toegeschreven aan 'het spel der verbeelding',
niet uit de mond van vrouwen.
Het geval van een moeder die een zwerende borst heeft,  verhaalt hij dan ook meer als anekdote:
Op de zevende dag van haar noveen heeft de dokter haar gezegd,
dat er van verettering geen sprake is en dat de zweer alleen met medicijnen te genezen is.
In de nacht van het achtste op het negende dag van de noveen
loopt de etter toch uit haar borst en is zij spoedig hersteld.
Evenmin wil hij acht slaan op de verklaring van een schipper die op volle zee verlamd raakt
en na de gelofte van een bedevaart naar Escharen terstond geneest.
Deze man heeft hij niet persoonlijk gesproken;
hij komt zijn gelofte na tijdens de afwezigheid van de pastoor.

Het oudste geval dat Haest noteert dateert uit 1845-1848
en betreft de jongere broer van de uitgever van de Graafsche Courant, A.F.G. van Dieren,
die tevens kerkmeester te Grave is.
Deze tussen de vijf en acht jaar oude jongen heeft zijn rug gebroken.
Zijn moeder besluit een noveen tot Machutus in Escharen te houden
en constateert bij terugkomst in Grave op een vrijdagvoormiddag dat haar zoon genezen is.
 
Omstreeks 1850 komt een zwager van de katholieke geestelijke Bosman uit Keppelen
bij Uedem (Land van Kleef) met een volledig verlamde zoon van ruim twaalf jaar naar Escharen
om tot Machutus te bidden dat zijn zoon zou genezen of sterven.
Op de achtste dag van de noveen houdt de vader zijn kind op schoot en bidt
dat God op voorspraak van Machutus zijn zoon tot zich zou nemen.
Hierop sterft de jongen in zijn armen.
 
Onder pastoor Lambertus Verstraaten (1860-1867) komt een man uit 'Pruisen' (Land van Kleef)
met een ongeneeslijke 'klemmond'.
Acht dagen nadat hij in de kerk vurig tot Machutus heeft gebeden is hij genezen
en komt hij om God en Machutus te danken 'tot de H. Tafel'.
 
Een schipper uit Gelderland wordt in 1871 genezen van een 'open been',
nadat hij de hulp van de H. Machutus van Escharen heeft ingeroepen.
Als de kwaal dertien jaar later terugkomt, gaat hij opnieuw ter bedevaart naar Escharen.
 
- Het bekendste geval - het wordt in 1945 nog gememoreerd –
is dat van Theodorus Muusken uit Glabbeck bij Xanten die in 1880
voor zijn neef van vijf en nichtje van twee jaar oud, die beiden niet kunnen lopen,
een bedevaart  doet naar Escharen.
'Na de gewone gebeden gedaan en het gezegend water en brood gebruikt te hebben'
zijn de kinderen genezen.
 
Een tiental jaren eerder zijn twee kinderen van Wenceslaus Scholten, van twee en ruim een jaar oud,
op soortgelijke wijze genezen. Beiden kunnen nog niet lopen.
Nog voor de vader is teruggekeerd van een bedevaart naar Escharen
staan de kinderen rechtop in de wieg.
 
Karel Stoffel uit Ottersum heeft een zoontje van bijna twee die 'niets kan'.
Nadat zijn vader beloofd heeft een bedevaart naar Machutus in Escharen te doen
wordt de jongen onmiddellijk beter.
Op 15 juli 1883 loste Karel zijn gelofte in en volbracht de bedevaart.
 
Uit deze zeven gevallen blijkt de populariteit van Escharen in het land van Kleef.
Vier 'genezingen' zijn uit dit gebied afkomstig.
De bijzondere betekenis van Machutus voor kinderen wordt bevestigd:
in vijf gevallen betreft het kinderen tussen een en dertien jaar.
Verlammingen en het niet kunnen lopen zijn de meest voorkomende kwalen.
Pastoor Haest kent ook verhalen van genezingen van vallende ziekte en hardnekkige jicht,
maar heeft hierover geen directe getuigen gesproken.

Aflaat  
Met ingang van 1 maart 1891 verleent paus Leo XIII voor een periode van tien jaar
aan de pelgrims die de kerk bezoeken op Pinksteren of binnen het octaaf daarvan,
alsmede op de eerste vrijdag na de vierde zondag in de Vasten
en op 15 november (feestdag van Machutus) een volle aflaat.
De heilige wordt in het bijzonder vereerd als 'beschermer van verzwakking der ledematen [...]
hulp en bijstand in zenuwziekten, [...] beschermer der zieke kinderen
[en] beschermer tegen rampen, welke landen en vee treffen'.
 
Op 6 juni 1903 meldt de Graafsche Courant dat de bedevaart ter ere van Machutus op Tweede Pinksterdag
met de meeste luister wordt gevierd. Elk jaar neemt het getal der vereerders toe.
Van vroeg in de morgen tot laat in de middag is de kerk gevuld.
- Dit patroon - ouders die voor zieke kinderen komen bidden - zet zich ook in de 20e eeuw voort.
A.M. Janssen verhaalt hoe zijn vader met ooms, tantes, neven en nichten
vanaf 1922 te voet van Wijchen naar Escharen gaat om te bidden
voor genezing van zijn zus die te kampen heeft met 'toevallen'.
Rond 1935 komt een Duitser voor het negende achtereenvolgende jaar te voet naar Escharen
om te bidden voor zijn verlamde zoon. Bij terugkeer blijkt zijn zoontje genezen.
De man keert direct terug om Machutus te danken.
Onder pastoor Fr. Lombarts (1929-1950) organiseert J. van Wissen uit Wijchen
bustochten voor de bedevaart naar Escharen.
Deze bedevaart vindt plaats op Tweede Pinksterdag en negen volgende vrijdagen.
Ook op andere dagen in het jaar organiseert hij busreizen naar Machutus.
Tot de oprichting van een bedevaartbroederschap is het niet gekomen.

Na de Tweede Wereldoorlog  
Een nieuwe stimulans voor de verering van Machutus geeft pastoor Peter Hubertus Stevens (1950-1968).
Reeds enkele maanden na zijn aantreden zorgt hij, kort voor Pinksteren, voor een nieuw devotieprentje.
Ook schrijft hij voor die gelegenheid een 'lof- en smeeklied op den H. Machutus',
dat sedert die tijd een vaste plaats in de liturgie inneemt.
In diezelfde tijd  vervaardigt men een kleine replica van het Machutusbeeld voor de verkoop.
 
De verering wordt in 1950 verder versterkt door de melding in de Graafsche Courant 
van een genezing die aan Machutus wordt toegeschreven.
Een vijfjarige jongen ligt met een dubbele longontsteking in het Nijmeegse Canisiusziekenhuis.
Acht verwanten gaan op 23 april ter bedevaart naar Escharen.
Direct hierna neemt de ziekte een gunstige wending.
Op 14 mei keerden twee dames uit Hatert naar Escharen terug om hiervoor te danken.
De volgende dag kan de jongen weer gezond naar huis gaan.
 
- Sinds ongeveer 1960 komen er volgens de pastoor geen Duitse pelgrims meer naar Escharen.
In de jaren negentig
vindt men op Tweede Pinksterdag echter nog steeds Duitse marken in de collecteschaal.
De meeste bedevaartgangers komen anno 1997 voornamelijk uit het Land van Maas en Waal
en het Rijk van Nijmegen (Wijchen, Nijmegen en Groesbeek).
Opmerkelijk is dat uit Brabant, buiten de directe omgeving, nauwelijks pelgrims komen.
Door publicaties in de regionale pers van Grave, Wijchen, Nijmegen en Oss,
veelal op initiatief van de pastoor,
worden vooral in de jaren vijftig de bedevaartgangers opgewekt om naar Escharen te komen.
In die tijd komen landbouwers uit Den Dungen jaarlijks voor Machutus.
Sinds het eind van de jaren tachtig lijkt de belangstelling van de regionale pers weer toegenomen.

Mede door de voortgang van de medische wetenschap
is het aantal kinderen dat aan verlammingen en dergelijke lijdt, sterk afgenomen.
Geleidelijk vindt dan ook een verschuiving plaats in de verering van Machutus.
Tegenwoordig wordt hij minder voor kinderen, maar meer voor oudere gehandicapten aangeroepen.
Tekenend hiervoor is dat de kinderzegening, waarmee na het lof om 15.00 uur de dag wordt afgesloten,
in 1986 door pastoor Edmundus Petrus Wienandus IJsseldijk (1975-1987) is afgeschaft. 
Pastoor R. Aarden (2011-….) heeft de kinderzegen met ingang van 20 mei 2013 in ere hersteld. 

Het kostersechtpaar Van Dinther,
dat een belangrijke rol in de continuïteit van de Machutusverering vervult,
verhaalt over twee recente genezingen
die door de voormalige patiënten worden toegeschreven aan de voorspraak van Machutus.
Omstreeks 1985 komt een vrouw uit Eindhoven negen zondagen op een rij in een rolstoel naar Escharen.
De laatste zondag treedt zij de kerk binnen zonder rolstoel en dankt Machutus voor haar genezing.
Ongeveer tien jaar later komt een man uit Wijchen,
die door een beroerte zijn spraakvermogen is kwijtgeraakt, naar Machutus.
Ook hij bezoekt de kerk negen zondagen achtereen. De negende zondag kan hij weer spreken.
 
- De verering van Machutus concentreert zich op tweede Pinksterdag.
Vanaf 6.00 uur worden er tot in de jaren tachtig vier missen gehouden (om 6.00, 7.00, 8.30 en 10.00 uur).
Deze worden omstreeks 1980 bezocht
door ongeveer duizend mensen afkomstig uit Escharen en omgeving
en uit het Rijk van Nijmegen.
Tijdens de hoogmis wordt sinds 1950 het speciale 'lof- en smeeklied op den H. Machutus' gezongen.
 
Na afloop laten zieken veelal zelf meegebracht brood, beschuit en water zegenen.
Het 'besjuut van Sint Machuut wordt gewijd en al verkocht door de lokale bakker Degen.
De centrale formulering van deze zegening luidt:
'Verhoor genadig uw gelovigen, die hun toevlucht tot U nemen;
 en heilig met uw hemelse zegen dit brood en water, en stort er uw kracht over uit.
 Geef, dat allen, die met geloof dit brood en water nuttigen,
 van alle kwaad en kwalen en ziekten mogen worden bevrijd, op voorspraak van Sint Machutus'.

(Deze tekst is - op enkele aanpassingen na –
 geschreven door de Nijmeegse historicus en universitair docent dr. J. Rosendaal)